Op het pad ligt een kleverig vogellijk in veren en pek. Gisteren werd ik precies hier aangevallen door een paniekerige kraaienmoeder. Ze scheerde onverwacht, van achteren, over mijn hoofd. Keek op me neer. Ze landde op een tak en bespiedde me. Kra kra. Zette nogmaals de aanval in, vlak langs mijn haren. Waarschijnlijk was haar jong in de buurt; het schijnt dat de babyvogels nu meegaan voor vlieglessen. Ik heb al een verlamd jong aangetroffen op een speelveldje; een pluizebol die me vriendelijk aanstaarde, en geen aanstalten maakte om weg te vliegen.
Vogeldrukte. Op het dak van een naburige flat zit een familie scholeksters; een weidevogel die vroeger alleen de waddeneilanden bewoonde, maar nu het platte flatdak als nestplaats ziet. Langs de dakrand zag ik drie grijze bolletjes schuiven, met Pinokkio-snavels vooruit gespiest.
Vanmorgen loop ik over het smalle pad, omgeven door brandnetels. Waar gisteren de moeder mij intimideerde met wiekslag langs mijn oren, heerst nu de stilte van verlies; op het pad kleeft het babylijk. Het ligt verscheurd tussen veren, de poten zijn geknakt, de ogen verdwenen, de bek afgebroken – een slagveld. Leve de natuur en al wat groeit en bloeit. Look out, the birds are coming…!
Recente reacties
- Willie Sauter op het risico van de bank
- het gezag van Ibn Ghaldoun | Marinet Haitsma op winter (30.1.09)
- Marinet op Rijnmond staat stil bij… de boodschappen
- Marianne Kimmel op Rijnmond staat stil bij… de boodschappen
- Christine Dandois op ne me quitte pas
tagwolk
armoede boeken boekpresentatie buurt debuutroman dierenleed dood eten familie festival film geheim geld geliefde geluk geweld heimwee illusie inburgeren intimiteit kunst lezen liefde literatuur Memo's moederschap muziek natuur optreden paniek poezie politiek Rotterdam rouw schaamte schrijvers seks sterven taart vogels vrienden woorden WSNP ziekte zomerArchief
Categorieën

