Geluk is een cliché en tegelijkertijd is het voor iedereen een ander doosje vol geheimen. Voor mij draait het rond zorgeloos en veilig, en dat is natuurlijk een illusie, want de dood zit ons voortdurend op de hielen. Toch denk ik dan aan het gedicht van Bert Schierbeek. 207
En vandaag was vol geluk. Alles lukte en de wind waaide mee. Ik was daarnet in de verlaten bio-supermarkt die naar zilte vis geurde, en kruiden en appels. Er klonk een zomers liedje uit de speakers, en ik slenterde langs gangpaden vol mosterd, mayonaise, en azijn. Mijn handen graaiden naar kleurige pakken linzen en bonen. Mijn glimlach werd weerspiegeld in de pretogen van een caissière. Even later passeerde ik een man om te zoenen, maar we liepen allebei weg. Ik genoot van het koude beton dat uit de vloer sloeg, als zeewater over mijn donshuid.
De zon wapperde over straat, en terrasjes wachtten op klanten. Een meisje riep Doei! naar haar collega, omdat haar dienst was gedaan. Ze glipte er vandoor, op een omafiets, in een mintgroen bomberjack, haar enorme leven tegemoet.
Rijkdom en geluk. Wat had ik veel onbekommerdheid, deze dag, de dag van het vakantiegeld. Daarvan mag je als saniet een deel behouden. Dat is vrijheid. In mijn geval zelfbeschikking over de aanschaf van dure, biologische mayonaise en appelcider. Dus geluk draait toch om geld, dacht ik ontgoocheld, en ik rekende blij mijn overbodige spulletjes af. Een prachtig pak Franse linzen, een doos home-made granola, de Belze mayonaise en azijn, plus nog een zak peperdure quinoa.
“Dat is 18,75,” zei de jongen achter de kassa.
Op de fiets naar huis rekende ik uit hoeveel vakantiegeld er nu nog over was.

een man om te zoenen

Berichtnavigatie


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Meld je aan voor nieuwe blogs