Met een klas eerstejaars MBO-Apothekersassistenten speel ik ‘Presenteren op goed geluk’. Het is een vrolijke, drukke meidengroep met een paar heren erin die dromen om apotheker te worden – wat iets heel anders is dan assistente. Een student krijgt een kaartje met een woord. Iemand klokt de tijd: de student krijgt precies 1 minuut om zich voor te bereiden. Daarna krijgt ze nog eens 1 minuut: om uit het niets een korte presentatie te doen over dat woord. De leerlingen zitten op het puntje van hun stoel – met name tijdens de minuut voorbereiding. Gebiologeerd en muisstil kijken ze hoe hun klasgenoot staat na te denken over het woord op het kaartje. Nooit keek een klas zó aandachtig naar iemand die zich voorbereidt, helemaal zonder apps.klaslokaal
Oké, tijd is om. De leerling vertelt over het woord. Facebook. Ze zegt dat het is om naar je vrienden te kijken. En andere mensen op te zoeken. En foto’s te plaatsen. ‘Facebook, facebook,’ roept de klas enthousiast.
Ik benadruk dat het spel is: zorg dat je 1 minuut de klas boeit met spreken. De leerlingen snappen het, en stoppen met roepen. Maar het meisje loopt vast met Facebook. ‘Eigenlijk valt er niks over te vertellen,’ zucht ze.
De volgende mag. Ze geeft een kaartje aan een jongen. Voetballen. De jongen stamelt en hakkelt. Ik fluister hem in: het WK… Hij slaat zich voor zijn hoofd. Door de zenuwen helemaal vergeten, mevrouw!
Ze merken dat presenteren iets anders is dan lukraak kletsen.
Dan mag het meisje dat zó graag wil. Ze krijgt het begrip Geld. Ze straalt en barst los: ‘Luister, jongens, ik ga jullie vertellen over geld. Geld is alles. Geld is macht, geld is rijkdom, geld maakt of breekt je leven. Zonder geld wil je die jongen niet. Zonder geld kun je die schoenen of kleren niet kopen. De wereld draait om geld. Iedereen piekert hoe hij zoveel mogelijk geld kan verdienen. Niemand wil jou als je geen geld hebt. Zonder geld kom je nergens. Zonder geld ben je niets.’
Ik zwijg. Het is een realistisch wereldbeeld. Ze is geboren in deze schotelbuurt met zwerfafval, en getogen bij de koopgoot. Geen cent te makken en ervan overtuigd dat geld haar succes zal brengen – en heel veel geluk. Na de minuut wil ik haar stoppen, maar ze is op dreef. Het lijkt of ze een rap brengt.
De klas juicht en geeft haar extra minuten. Met gevoel voor theater vervolgt ze over knappe jongens die ze dumpt als ze niet trakteren. Hoe ze in bed ligt en hoopt op een App-bericht van een mooie gozer met geld. Na een paar minuten kijkt ze naar mij en zegt: ‘Ja, juf, zo is het toch?’
Nu kan ik pedagogisch beweren dat het leven draait om mooie, hogere waarden. Zingeving. Ontplooiing. Liefde. Compassie. Vergeving. Menselijkheid. Ik zou kunnen zeggen: loop een jaartje mee in de schuldsanering, en je praat nooit meer over nieuwe schoenen. Maar ik applaudisseer met de klas. Wat heeft zij de opdracht goed begrepen: drama, imago en gevoel voor ellende. Ik geef haar helemaal gelijk.

Geluk van de koopgoot

Berichtnavigatie


Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.