De afgelopen weken las ik: een luisterboek. Ik luisterde. Niet thuis, op de loungebank. Niet in bed. Nee, ik nam het doosje met de zes cd’s dagelijks mee in de auto. Luisteren naar een verhaal, in de dagelijkse file heen, en terug. Het boek was de roman Gloed, van de vergeten Hongaarse schrijver Sandor Marai, na een tip van een vriendin. Via google lees ik dat de auteur jaren geleden zelfmoord pleegde, toen hij in New York woonde. Gloed is als toneelstuk opgevoerd door acteur Eric Schneider, die ook het luisterboek heeft ingesproken, met een stem die als een botte naald door de grammofoonplaat sleept. En deze Gloed vulde nu urenlang mijn autootje. Ik droomde mee naar het oude Wenen, naar Hongarije, naar Duitsland omtrent 1900. Ik hield mijn adem in toen de twee hoogbejaarde mannen elkaar na 41 jaar weer ontmoetten: twee hartsvrienden die door een ondeelbaar lot uiteen gedreven zijn. Wat is in het verleden tussen hen voorgevallen? Wat hebben zij daarmee op het spel gezet? En met welke intenties? Achteraf ontdek ik dat de roman slechts 156 pagina’s telt, terwijl ik naar zes cd’s heb geluisterd en dacht: wat een dikke pil. Het verhaal is bitter, wrang, van een ijskoude eenzaamheid, maar ook vol compassie voor datgene wat ons volgens de oude generaal het meeste drijft; de ijdelheid, en de passie. Misschien moet ik het verhaal nogmaals horen. Het is grotendeels een monoloog van deze generaal. Over verraad, lafheid, en de peilloze diepten van een mannen-vriendschap. Wat gebeurt er weinig, en wat gebeurt er veel. Zoveel dat ons onder de oppervlakte beroert en verscheurt. De onuitsprekelijke pijn die we elkaar blijkbaar aandoen. En de onomkeerbaarheid: van het weggaan. Want hoeveel woorden heeft vriend Konrad uiteindelijk gesproken, wanneer hij de volgende morgen voor de laatste maal vertrekt, bij dageraad?

gloedvolle mannen-vriendschap

Berichtnavigatie


Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.