Mijn jongste zoon heeft het nu ook gelezen. Het vorige stukje, over mijn oudste zoon. Nu wil hij weten hoe dat gaat; een stukje schrijven in een weblog. Dus dat laat ik hem zien, terwijl ik vraag: ‘Waarover wil je dat ik schrijf.’ ‘Eh…’ zegt hij, ‘over mij?’ Dat kan. En opeens besef ik dat we nergens, nooit, vrij zijn. Want nu ik voel dat mijn jongste zoon mee zit te lezen, hou ik al rekening met hem. Wie zich bekeken voelt, past zich aan. Wie gezien wordt, krijgt een stem.
Ik hoop dat u dus ook begrijpt dat dit weblog nimmer dagboek kan zijn, maar veeleer een facade, een schijnwereld, waarachter ik mij gaarne verschuil. Mijn spionageplek, van waaruit ik u en de uwen rustig kan bekijken. Of bezien. Niemand, behalve mijn kinderen en een paar vrienden, weten hoe ik werkelijk leef. Hier achter de laptop. Maar hier achter de laptop duurt slechts een half uurtje per dag. Wat spook ik in de overige uren uit?
Is dit de waarheid? De werkelijkheid? Ik werk, ik verzorg mijn hond, mijn lieve huis, ik mail met vrienden, ik bel vriendinnen op, ik laat mijn gedachten de vrije loop, ik zing in de auto en ik vloek boven de vaat. Ik bak taarten, ik badder, ik dans op overjarige muziek. Ik mijmer en droom, ik bezoek dierbaren, ik praat met deze of gene, ik ga op stap en ik kom weer thuis. Nu eens schrijf ik over de oudste zoon, dan weer over de jongste. Die nog steeds meekijkt, terwijl hij naast me zit, en daarmee het moment van bedtijd weet uit te stellen.
Ha! Betrapt!

spionage

Berichtnavigatie


2 gedachten over “spionage

  1. Niet te vergeten is dat je een uistraling hebt, van … ik leef en ben trots. Da probeer je over te brengen aan je kinderen en andere mensen. Verbergen kunb je je nooit. Ik in ieder geval niet. Ik breng een andere keer een CD voor je mee, waarop oude muziek staat die je vast en zeker zeer de moeite waard vind. Ook die zanger heeft een uistraling van … Jezus Christus.

    Wat mooi kan hij zingen

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.