de kapsalon

Ik ging weer naar de kapsalon in het ziekenhuis. Hoewel ik vooraf een afspraak had gemaakt, mocht ik tussen de andere dames en een heer plaatsnemen op een kuipstoeltje. “U bent na haar.” De eigenares schoof me een plastic bekertje automaatkoffie

Lees verder

De postbode

De bel gaat. Ik ben zijn laatste klant. Hij loopt traag de trappen op, met het pakje. We kennen elkaar inmiddels van gezicht. Ik vind het fijn dat er niet telkens een andere bezorger komt. Noem me conservatief. Of hecht-gevoelig.

Lees verder

We’re a family

In de film Little Miss Sunshine reist een gezin af naar Californië om hun kleine dochtertje mee te laten doen aan een beauty contest. Opa is aan de drugs, homofiele oom heeft, na een ongelukkige liefde, een zelfmoordpoging gedaan, moeder is gespannen

Lees verder